Ik ben niet aan het herstellen. En dat inzicht geeft me rust.
re-validatie, dat geeft ruimte
Mijn onrust werd een stuk minder toen ik me realiseerde dat het woord dat deze periode voor mij beschrijft niet herstellen maar revalideren is.
Dat verschil lijkt op het eerste gezicht misschien klein.
Een ander woord, een andere klank, een ander label voor hetzelfde proces. Maar voor mij maakte het een enorm verschil. Alsof er ineens ruimte kwam in iets wat eerst beklemd zat.
Met herstellen kon ik niet zoveel. Dat woord duwde me ongemerkt richting vroeger. Alsof er een oude versie van mij bestaat waar ik weer naartoe zou moeten.
Alsof het doel is dat ik terugkeer naar hoe het was, naar hoe ik functioneerde, naar wat ooit vanzelfsprekend was.
In het woord zit voor mij iets van repareren. Dat ik kapot was, en nu weer gemaakt moet worden.
Maar zo ervaar ik het niet.
Ik ben niet kapot.
En ik ben ook niet onderweg terug naar een eerdere versie van mezelf.
Natuurlijk is er veel veranderd. Iets kwam op mijn pad waar ik niet omheen kon en eigenlijk ook niet omheen wil.
Dus dat vraagt niet om terug te gaan, maar om het aankijken en erop afstemmen.
En precies daarom past het woord revalidatie voor mij beter bij dat proces.
Als ik met dat woord speel, hoor ik iets wat mij rust geeft:
re-validatie
opnieuw valideren
opnieuw erkennen
opnieuw waarde geven
Niet alleen aan wat er anders is of moeilijker gaat, maar ook aan wat er nu is. Aan wat nu aandacht vraagt. Aan wat gezien wil worden.
Aan een versie van mij die anders is dan vroeger, maar daarom niet minder waardevol.
Dat maakt het voor mij zo veel passender. Zachter ook, naar mezelf en de wereld om me heen.
Het is zeker niet vrijblijvend. Integendeel.
Revalideren vraagt dat ik eerlijk kijk. Dat ik luister naar mijn lichaam en systeem in plaats van het commandeer. Dat ik mijn tempo serieus neem in plaats van het te veroordelen. Dat ik leer werken met waar ik nú ben, in plaats van mezelf voortdurend af te meten aan waar ik vandaan kom.
Voor mij gaat revalidatie daarom niet alleen over fysieke opbouw.
Het gaat ook over relatie.
Met mijn lichaam.
Met mijn grenzen.
Met mijn tempo.
Met mijn verwachtingen.
Met het beeld dat ik van mezelf had.
En misschien nog wel het meest: met de vraag wie ik ben als ik stop met terugverlangen naar een oude versie van mezelf.
Dat is misschien wel het grootste cadeau van dit inzicht.
Ik hoef niet terug.
Ik hoef niet te vechten om weer precies dezelfde te worden.
Ik mag onderzoeken wat er nu klopt, wat er nu kan en wat er nu nodig is.
Sinds ik het zo ben gaan zien, is er nog meer rust gekomen.
Minder innerlijk getouwtrek.
Minder strijd met een plaatje dat niet meer past.
Meer ruimte.
Dus nee, ik ben niet aan het herstellen.
Ik ben aan het revalideren.
Ik ben mijn waarden opnieuw aan het onderzoeken.
Opnieuw aan het ontdekken hoe ik verder ga.
Niet terug naar wie ik was.
Maar steeds dichter naar wie ik nu ben.