
4 weken na de laatste chemo
Bijna vier weken na de laatste chemo
Ik zag met mijn rechteroog niet meer scherp. Niet van dichtbij en niet van veraf. Een paar keer had ik ook flinke hoofdpijn, migraine-achtige klachten. Gekke flitsen voor mijn ogen.

Bijna vier weken na de laatste chemo
Ik zag met mijn rechteroog niet meer scherp. Niet van dichtbij en niet van veraf. Een paar keer had ik ook flinke hoofdpijn, migraine-achtige klachten. Gekke flitsen voor mijn ogen.

De afgelopen periode stond vooral in het teken van vermoeidheid en botpijn. Vervelend, maar draaglijk en zonder extra medicatie. Ik loop alleen als een oude vrouw de trap op soms.
De pijn zat mijn nachtrust soms in de weg, en dat hielp natuurlijk niet om de vermoeidheid te verminderen. Dat betekende meer rusten tussendoor en rustig bewegen.
Ik merkte dat ik uitkeek naar de laatste kuur. En toen ik afgelopen vrijdag groen licht kreeg, was het tóch een mengeling van gevoelens: van “fijn, hij komt eraan en dan ben ik er van af” en “ik heb er écht geen zin in.”

De afgelopen weken waren goed. Rustig, naar binnen gekeerd, maar goed.
Gisteren kreeg ik mijn vijfde kuur.
Vijf! De één-na-laatste!
En mijn bloedwaarden waren weer op het niveau van eind september. Ik geloofde het bijna niet, maar het stond er echt. En dat betekent dat er nog maar één te gaan is. Als alles meezit, ben ik voor het einde van het jaar klaar met de chemotherapie.

Naast de grote lijnen van dit traject zijn er talloze kleine kwaaltjes die er gewoon bij horen, en die ik niet altijd benoem.
Niet omdat ze er niet mogen zijn, maar omdat het er zó veel zijn dat ik anders een wekelijkse encyclopedie zou moeten uitbrengen.
Vandaag is zo’n dag waarop één van die bijwerkingen zich duidelijk laat zien: neuropathie.
Een prachtig woord voor iets wat helemaal niet zo prachtig voelt.
Chemotherapie pakt snel delende cellen aan. Dat is precies de bedoeling.
Alleen… zenuwcellen vallen óók onder die categorie.
Dus worden die net zo hard meegenomen in de strijd.

Het chemobrein is een vreemd ding. Ik wist tot een paar weken geleden niet eens dat het bestond.
Het voelt alsof er ergens in mijn hoofd iemand aan de knoppen zit die ineens besluit:
Dit woord? Dat krijg je nu even niet.
Of: wat je net hoorde, zei of zag? Foetsie. Verdwenen in het niets.

De afgelopen twee weken waren er vooral om even naar binnen te keren. Niet alleen letterlijk, ook in mijzelf. Inmiddels twee fijne gesprekken gehad met de ethicus van het ziekenhuis. Het is heerlijke voeding voor mijn ziel en sparren op een manier die aansluit bij hoe ik deze levensperiode ervaar.